Expreszo
Hét tijdschrift, dé online community, dé belangenorganisatie voor lesbo-, homo-, en bi-jongeren.
Het onverwachte (Nina)
(door: Gastcolumnist)
Opnieuw is er plek voor een gastcolumnist en Nina mag deze plek invullen. Haar leven is een achtbaan qua emoties. Op het ene moment is ze verheugd met alle deugden en vreugden die het leven haar geeft. Op het andere moment jankt ze de boel bij elkaar omdat, én haar kat dood is, én haar baan op de tocht staat, én ze een aflevering van ANTM gemist heeft. Gelukkig is er chocolade.
Ga naar álle columns! >>
--------------------------------------------------------------------------------------------------
Het onverwachte
Naarmate je ouder wordt ontdek je dat sommige dingen in het leven niet echt te plannen zijn. Zoals wanneer je eindelijk zwanger wordt. Of wanneer mensen je hun ware aard laten zien. Of wanneer je de liefde van je leven ontmoet. Soms moet je jezelf laten meevoeren met de stroming. En gewoon afwachten waar je uiteindelijk beland. Maar vaak heb je geen controle.
Ik zit met een vriend op het terras. Als enigen, het is namelijk vroeg. De stad ontwaakt. Voor ons staan twee dampende mokken koffie. Het is alweer een jaar geleden dat mijn vriendin besloot het uit te maken. Bindingsangst. Althans, dat denk ik. Hoop ik. Want een fatsoenlijke uitleg heb ik nooit van haar gekregen. Mijn vriend deelt een van zijn sigaretten. We zwijgen.
Heel willekeurig dondert er een duif uit de boom voor het café.
Opeens vraagt hij me of ik vanavond met hem mee uit ga. Een beetje beweging in de vorm van dansen zal mij, volgens hem, goed doen. Hij kan zien dat de pijn nog steeds een beetje aanwezig is. Ik neem een voorzichtig slokje en stem dan toe. Ik heb de volgende ochtend toch geen plannen, dus ik kan bezopen worden. Wie weet voel ik me daarna weer iets beter.
We betalen de rekening en gaan onze eigen weg. Hij naar zijn werk, ik naar mijn college. De dag kom ik moeizaam door. Mijn gedachten zijn nog bij die middag toen we die ruzie hadden. Zij verweet mij dingen, ik verweet haar meer. Totdat ze huilend op de vloer voor ons besloot er een punt achter te zetten. Om daarna nog een allerlaatste keer seks met mij te hebben.
Misschien hield ik me een illusie voor, want ik dacht dat zij mijn zielsverwant was. We hadden het altijd fijn met elkaar. Ze wist waar ik van hield en ik wist waar ze niet blij van werd. En toch ging het een paar keer mis. Maar als we ruzie hadden wisten we het altijd tot een goed einde te brengen. Deze keer niet. Nu was het allemaal genoeg geweest.
Misschien is de liefde niet voor ons stervelingen weggelegd.
In mijn mooiste schoenen sta ik te wachten tot mijn vriend klaar is met dat ene plukje haar. We weten niet waar we heen gaan. Maar als er drank is en dreunende muziek is het goed. We komen aan bij een kroegje. Ondanks dat het afgelegen zit, is het er druk. Uit mijn tasje vis ik mijn peuken, maar een aansteker lukt me niet te vinden. Wanneer ik opkijk zie ik haar staan.
Ik heb haar wel eens vaker gezien. Met haar wilde rode haren en helder groene ogen. Volgens mij volgt ze dezelfde colleges als ik. Ze ziet mij ook staan en loopt dan naar me toe. Ik weet niet waar ik moet kijken als ze mij met een glimlach een vuurtje aanbiedt. Het ijs is gebroken, evenals mijn defensie. Ik bedank haar. Ze zegt dat het geen moeite is. Ik lach verlegen terug.
De rest van de avond is een waas. Het ging allemaal te snel.
We praatten. We rookten. We dansten. We sjansten. We zoenden. De volgende ochtend open ik mijn ogen in een vreemd bed. Naast me ligt een wilde bos rood haar, met daaraan vast een zacht ademend meisje. Ik vraag me af wat we precies hebben gedaan. Dan kruipt ze tegen me aan en fluistert een zwoele goedemorgen in mijn oor. Ik kijk naar haar. Ik lach en smelt.
In een shirt zit ik aan haar eettafel. Met haar lippen geeft ze me een kus in mijn nek en loopt ze naar de keuken om het ontbijt klaar te maken. Langzaam kleed ik me aan. Ze is lief, maar ik wil haar geen verkeerde indruk geven. Zo’n meisje ben ik namelijk niet. Met moeite weet ik mijn ondergoed van haar plafondventilator te halen. Van mijn brave imago blijft niets heel.
Na het ontbijt en de belofte dat ik haar zal bellen sta ik buiten.
Bij thuiskomst loop ik in een rechte lijn naar mijn badkamer, een rommelig spoor van kleding achterlatend. De warme straal water van de douche doet me goed. Wanneer ik mijn ogen sluit zie ik even mijn ex weer voor me. Maar dan gaan mijn gedachten naar groene ogen. Naar rode lokken. En naar een prachtige lach. Ik voel een paar rupsen ontpoppen tot vlinders. Weer gaat het niet zoals ik het wil hebben. Dit zat wederom niet in de planning. Maar ik klaag niet.
---
Deze column is geplaatst op 17-06-2010. In de kolom links vind je nog veel meer columns - Kijk in het columnarchief voor álle columns die op Expreszo.nl staan.
Ga naar álle columns! >>
Opnieuw is er plek voor een gastcolumnist en Nina mag deze plek invullen. Haar leven is een achtbaan qua emoties. Op het ene moment is ze verheugd met alle deugden en vreugden die het leven haar geeft. Op het andere moment jankt ze de boel bij elkaar omdat, én haar kat dood is, én haar baan op de tocht staat, én ze een aflevering van ANTM gemist heeft. Gelukkig is er chocolade.
Ga naar álle columns! >>
--------------------------------------------------------------------------------------------------
Het onverwachte
Naarmate je ouder wordt ontdek je dat sommige dingen in het leven niet echt te plannen zijn. Zoals wanneer je eindelijk zwanger wordt. Of wanneer mensen je hun ware aard laten zien. Of wanneer je de liefde van je leven ontmoet. Soms moet je jezelf laten meevoeren met de stroming. En gewoon afwachten waar je uiteindelijk beland. Maar vaak heb je geen controle.
Ik zit met een vriend op het terras. Als enigen, het is namelijk vroeg. De stad ontwaakt. Voor ons staan twee dampende mokken koffie. Het is alweer een jaar geleden dat mijn vriendin besloot het uit te maken. Bindingsangst. Althans, dat denk ik. Hoop ik. Want een fatsoenlijke uitleg heb ik nooit van haar gekregen. Mijn vriend deelt een van zijn sigaretten. We zwijgen.
Heel willekeurig dondert er een duif uit de boom voor het café.
Opeens vraagt hij me of ik vanavond met hem mee uit ga. Een beetje beweging in de vorm van dansen zal mij, volgens hem, goed doen. Hij kan zien dat de pijn nog steeds een beetje aanwezig is. Ik neem een voorzichtig slokje en stem dan toe. Ik heb de volgende ochtend toch geen plannen, dus ik kan bezopen worden. Wie weet voel ik me daarna weer iets beter.
We betalen de rekening en gaan onze eigen weg. Hij naar zijn werk, ik naar mijn college. De dag kom ik moeizaam door. Mijn gedachten zijn nog bij die middag toen we die ruzie hadden. Zij verweet mij dingen, ik verweet haar meer. Totdat ze huilend op de vloer voor ons besloot er een punt achter te zetten. Om daarna nog een allerlaatste keer seks met mij te hebben.
Misschien hield ik me een illusie voor, want ik dacht dat zij mijn zielsverwant was. We hadden het altijd fijn met elkaar. Ze wist waar ik van hield en ik wist waar ze niet blij van werd. En toch ging het een paar keer mis. Maar als we ruzie hadden wisten we het altijd tot een goed einde te brengen. Deze keer niet. Nu was het allemaal genoeg geweest.
Misschien is de liefde niet voor ons stervelingen weggelegd.
In mijn mooiste schoenen sta ik te wachten tot mijn vriend klaar is met dat ene plukje haar. We weten niet waar we heen gaan. Maar als er drank is en dreunende muziek is het goed. We komen aan bij een kroegje. Ondanks dat het afgelegen zit, is het er druk. Uit mijn tasje vis ik mijn peuken, maar een aansteker lukt me niet te vinden. Wanneer ik opkijk zie ik haar staan.
Ik heb haar wel eens vaker gezien. Met haar wilde rode haren en helder groene ogen. Volgens mij volgt ze dezelfde colleges als ik. Ze ziet mij ook staan en loopt dan naar me toe. Ik weet niet waar ik moet kijken als ze mij met een glimlach een vuurtje aanbiedt. Het ijs is gebroken, evenals mijn defensie. Ik bedank haar. Ze zegt dat het geen moeite is. Ik lach verlegen terug.
De rest van de avond is een waas. Het ging allemaal te snel.
We praatten. We rookten. We dansten. We sjansten. We zoenden. De volgende ochtend open ik mijn ogen in een vreemd bed. Naast me ligt een wilde bos rood haar, met daaraan vast een zacht ademend meisje. Ik vraag me af wat we precies hebben gedaan. Dan kruipt ze tegen me aan en fluistert een zwoele goedemorgen in mijn oor. Ik kijk naar haar. Ik lach en smelt.
In een shirt zit ik aan haar eettafel. Met haar lippen geeft ze me een kus in mijn nek en loopt ze naar de keuken om het ontbijt klaar te maken. Langzaam kleed ik me aan. Ze is lief, maar ik wil haar geen verkeerde indruk geven. Zo’n meisje ben ik namelijk niet. Met moeite weet ik mijn ondergoed van haar plafondventilator te halen. Van mijn brave imago blijft niets heel.
Na het ontbijt en de belofte dat ik haar zal bellen sta ik buiten.
Bij thuiskomst loop ik in een rechte lijn naar mijn badkamer, een rommelig spoor van kleding achterlatend. De warme straal water van de douche doet me goed. Wanneer ik mijn ogen sluit zie ik even mijn ex weer voor me. Maar dan gaan mijn gedachten naar groene ogen. Naar rode lokken. En naar een prachtige lach. Ik voel een paar rupsen ontpoppen tot vlinders. Weer gaat het niet zoals ik het wil hebben. Dit zat wederom niet in de planning. Maar ik klaag niet.
---
Deze column is geplaatst op 17-06-2010. In de kolom links vind je nog veel meer columns - Kijk in het columnarchief voor álle columns die op Expreszo.nl staan.
Ga naar álle columns! >>