De keuze van Imrak

Over lesbische gevoelens, Islam en Turkse ouders in een Nederlands dorp

Interview

Manju Reijmer
19 april 2017, 13:10

Expreszo interviewt LHBTQIAP+ mensen van kleur die zelf niet willen of durven schrijven, om toch hun ervaringen over seksualiteit te delen. Deze keer spreken we met Imrak*, 23, van Turkse ouders: “Mijn moeder gaf me de keuze: of trouwen met een man en naar Amsterdam of thuis blijven wonen.”

Imrak is Nederlands, geboren in het dorp waar ze nu woont. Van oorsprong is ze Turks en Moslima, maar het geloof heeft ze net als een Turkse nationaliteit, nooit opgelegd gekregen. “Mijn moeder zei altijd: ‘als je naar de moskee wil gaan, dan mag je gaan, anders niet’. Op een gegeven moment ben ik er mee gekapt. Alleen als iemand overlijdt ga ik nog. Mijn moeder bidt niet zo veel maar ze leest wel de Koran.”

Voor Imrak was het uitkomen voor haar seksualiteit tegen haar moeder een doorslaggevende stap, maar de weg er naar toe was lang. “Een vriendin van me zei eens: ‘je moeder is een lieve vrouw, ze accepteert het wel’. We zijn met z’n allen bij de kapster en op eens begint ze een gesprek over homoseksualiteit. Mijn moeder zegt: ‘nee, ik wil er niet over horen. Ik vind ze allemaal vieze, rare mensen’. Ik gaf mijn vriendin meteen een blik van ‘zie je wel!’. Als mijn moeder Will & Grace ziet, wordt ze er gek van. Dan zeg ik: ‘mama het zijn mensen!’. Dat wil ze niet horen. Ik kan alles doen wat ik wil, maar ze zal het nooit accepteren. Ook al ben ik haar dochter, haar eigen vlees en bloed. Als ik het ooit nog in mijn leven aan zou kaarten, krijgen we oorlog.”

Uit de kast, in het dorp

Imrak is negentien als ze van het platteland verhuist naar Amsterdam voor haar studie, ze heeft dan pas één keer met een meisje gedate. In de hoofdstad werkt ze bij een Michelin sterrenrestaurant in de keuken. Vier dagen in de week van bijna twaalf uur.  In hetzelfde bedrijf werkt een blonde leeftijdsgenoot, Amber*. Als Imrak hoort dat Amber lesbisch is, geeft ze haar haar nummer. Ze raken aan de praat en beginnen een relatie, de eerste serieuze van Imrak. Als deze uitgaat, is ook haar verblijf in Amsterdam snel ten einde. “Ik had niemand in Amsterdam. Al mijn familie was hier. Het was heel leuk maar als je geen steun hebt van je familie is het moeilijk.”

“Mama, het zijn mensen!”

Nu woont Imrak weer bij haar moeder, in het kleine dorp waar ze is opgegroeid. “Hier is het moeilijk, je hebt wel heel veel homomannen, maar als iemand het ziet of hoort ben je meteen de sjaak. ‘Oh je dochter is dit of je zoon is zo’, je krijgt meteen geroddel binnen de Turkse gemeenschap. Er is een Turkse homojongen en hij is uit de kast, maar zijn familie probeert het te verbergen. Ook al zouden zijn ouders het accepteren, de gemeenschap accepteert het niet.”

De afkeur voor LHBTQIAP+ in het dorp waar Imrak woont, beperkt zich niet enkel tot de Turkse gemeenschap. “Een witte collega van me heeft een broer die homo is. Hij noemt het een ‘afwijking’. Waarom denk je dat mensen homo of lesbisch zijn? Het is geen spelletje.”

Het Gesprek

“Ik wist het van kleins af aan, maar vanaf mijn achttiende weet ik het zeker. Je hebt een voorgevoel en je probeert het met een jongen. Maar dan is het toch niet zo en ga je verder zoeken.” Nadat Imrak terugkeert uit Amsterdam om bij haar familie te zijn, besluit ze uit de kast te komen tegen haar moeder. “Ze reageerde heel chill. Ik had verwacht dat ze ging schreeuwen of drama maken. Het is moeilijk om te vertellen. Je hart klopt in je keel en je weet niet wat je kan verwachten.” Imrak herinnert zich het gesprek nog goed.

Imrak: ‘Mama, ik moet je wat vertellen, niet boos worden.’
Moeder: ‘Wat is er dan?’
Imrak: ‘Ja, ik hou niet van jongens.’
Moeder: ‘Huh wat bedoel je daar mee?’
Imrak: ‘Ik heb gewoon geen gevoel als ik met een jongen ben. Ik kan er wel een relatie mee hebben, maar ik heb gevoel voor een meisje.’
Moeder: ‘Nee, dat kan niet.’
Imrak: ‘Hoezo niet?’
Moeder: ‘Dan had ik het wel gezien. Dan hadden we een oplossing gezocht. waren we voorbereid. Jij bent niet zo. Ik weet dat. Praat je al met zo iemand? Wat heb je allemaal al gedaan? Heeft iemand het gezien?’
Imrak: ‘Nee, hoe kom je daar bij?’
Moeder: ‘Oké als niemand het ziet is er niets aan de hand. Ik weet het, ik houd het geheim.’

Maar ik wilde het niet geheim houden. Er viel een last van mijn schouders, ik kon weer ademen. Ik vertelde dat ik weer in Amsterdam wilde wonen maar dat mocht niet, tenzij ik getrouwd was. Ik werkte een jaar niet, zat in een depressie. Toen begon ik te werken als slager in een fabriek. Binnenkort werk ik weer in een keuken hier in de buurt.”

Een schandevrije toekomst

Imrak kijkt met gemixte gevoelens terug op haar beslissing om Amsterdam, en indirect het experimenteren met vrouwen, achter te laten. “Eerlijk ik handel er niet meer naar. Het was een keuze maken of om daar te blijven en m’n seksualiteit te beleven of terugkomen en contact behouden. Mijn moeder gaf me de keuze: of trouwen met een man en naar Amsterdam of thuis blijven wonen. Ik kies voor hen. Zij hebben me altijd liefde gegeven. Als ik had gezegd ‘nee, ik blijf niet thuis’, dan had ik niets. Helemaal niets.

“Het was een keuze om daar te blijven of terugkomen en contact behouden. Ik kies voor hen.”

Ze zei: ‘de keuze is aan jou. Wat moet ik zeggen? Mijn dochter is zo? Schande.’ Ik zei dat het helemaal geen schande is, omdat ik haar dochter ben. ‘Dat maakt niets uit,’ zei ze, ‘mensen horen het, het is een kleine plaats hier’. Dat klopt. Ze zouden roddelen en scheldwoorden zeggen. Mijn jongere zusje zou er mee gepest worden. ‘Dan brandt ze in de hel’ dit en dat. Ik wil niet dat mijn familie gekwetst wordt, dus houd ik mijn mond en zeg ik niets.”

“Ik moet eerlijk zeggen, ik woon nu bijna twee jaar weer thuis. Omdat ik er toch ben en niks kan doen, verandert m’n seksualiteit. Nu kijk ik naar mannen anders. Je hebt hier geen gay clubs. Het is alsof je op een onbewoond eiland zit met een vent maar je valt op vrouwen. Op een gegeven moment zal het toch veranderen. Tuurlijk, als ik een vrouw zie, krijg ik er gevoel voor. Maar het is nu half om half geworden bij mij. Nu zie ik een man en denk ik ‘oh die ziet er goed uit’ en bij een vrouw ook. Bij mannen is het meer geworden en bij vrouwen minder. Ik denk dat ik een toekomst met een man niet slecht zou inzien. Misschien vind ik iemand of neem ik een kat. Ik heb liever mijn familie dan dat ik helemaal alleen ben.”

*Om de anonimiteit te waarborgen zijn namen in dit stuk zijn geanonimiseerd en is de foto een stockfoto. Echte namen zijn bekend bij de redactie.

Profielfoto van Manju Reijmer

Door Manju Reijmer

Meer van Manju »