Acceptatie binnen de (hockey)sport

Nieuws

Wesley Kokken
27 February 2015, 11:16

Beste Jacques Brinkman,

Ik las uw stuk in de Telegraaf met lichte verbazing. Als oud topsporter en olympiër bedoelt u het natuurlijk goed en wilt u het beste voor de (hockey)sport. Maar wat ons verbaasde was uw vooroordeel over sportende LHBT’s en uw vragen over het behandelen van het onderwerp homoacceptatie binnen de hockeysport.

U erkent het probleem weliswaar wel:
“Homoacceptatie valt onder positieve maatschappelijke impact. Een ‘onzichtbaar’ probleem in de verkennende fase. De vraag is: staat de hockeysport niet voor grotere uitdagingen? Moeten er geen andere prioriteiten worden gesteld? Misschien moeten we trots zijn op het feit dat het Nederlandse hockey lesbiennes omarmt. We weten niet beter dan dat veel vrouwen van vrouwen houden. Laten we die vrouwen vooral koesteren, omdat ze helpen het ledenaantal in het hockey te behouden of te laten groeien. Het is ook een mooi streven de mannen uit de kast te krijgen. Maar dat is iets voor het hockey als het weer veilig is als wereldsport.”

Waarom wel lesbiennes omarmen (wat heel goed is, natuurlijk!) en homoseksuele mannen (nog) niet? Door het onveilige klimaat in de sporten als voetbal en hockey komen sporters niet uit de kast. Vandaar dat uw constatering over het niet uit de kast komen van homo’s in het Nederlands Elftal van de sporten hockey en voetbal, onterecht is. 5-10% van de mensen zijn LHBT, dit is net zo goed in de (hockey)sport.

Zo zei Tanja Ineke, voorzitter van het COC, al: “Dat relatief veel LHBT’s hun seksuele voorkeur of genderidentiteit geheim houden, is niet verwonderlijk, aangezien bijna de helft van alle mannelijke voetballers in Nederland getuige was van homonegatief gedrag.”

Er is in de sport nog een clichébeeld van homomannen die met handtassen lopen en roze glitters rondstrooien. Veel jonge homo’s hebben last van dit stereotiepe beeld. Net als ‘gewone mensen’ verschillen homo’s onderling van smaak qua kleding, muziek, huisdieren en ja, zelfs in de beoefening van sport.

Waarom zou de hockeybond zich in uw ogen niet kunnen richten op én het ontwikkelen van de (top)sport én zich hard maken voor homo-emancipatie? Sporters die op hun club open kunnen zijn over hun seksuele voorkeur of genderidentiteit zitten vaak beter in hun vel en functioneren beter. Acceptatie is dus niet alleen goed voor LHBT-sporters, maar ook voor de club. Statistisch gezien zit in elk voetbalteam tenminste één LHBT. Acceptatie in de sport is dus altijd van belang. Dat er in beide Nederlandse elftallen nog geen homo uit de kast is gekomen, kan dus al genoeg zeggen. Wanneer het emancipatiebeleid bij een sportclub nageleefd wordt, voelen LHBT’s zich veiliger bij een club, blijven ze langer sporten en beginnen ze sneller aan een sport. U geeft aan dat het ledenaantal binnen de hockeysport een probleem is. Wanneer de hockeysport zich niet richt op een veilig klimaat voor LHBT’s, laat je een potentieel van 5 – 10 procent aan leden liggen.

Zo heeft Floris Evers, olympisch medaillewinnaar hockey, gezegd: “Een goede sfeer in je team of club is essentieel bij het sporten. Je moet jezelf kunnen zijn en je prettig en veilig voelen. Het mag daarbij niet uitmaken of je nou hetero, lesbisch, homo, bi of transgender bent. Ik roep alle sporters op om zich daarvoor in te zetten.”

Waarom maakt u zich, net als andere topsporters uit de hockeywereld, niet hard voor acceptatie van LHBT’s? U bent namelijk een voorbeeld voor velen!

 

Profile photo of Wesley Kokken

Door Wesley Kokken

Wesley is voorzitter van Expreszo en behartigt de belangen van alle LHBTI-jongeren in Nederland (en van zichzelf natuurlijk). Hij heeft Hospitality & Evenementen Management gestudeerd en is nu zzp'er.

Meer van Wesley »