Recensie: God’s Own Country

Waarom gaan er niet méér mensen naar deze film?

Cultuur

Melissa Wijnja
24 April 2018, 12:54

De film God’s Own Country kreeg lovende kritieken; een score van 99% fresh op Rotten Tomatoes, werd genomineerd voor een BAFTA voor ‘outstanding British film’, en benoemd tot een ‘New York Times critic’s pick’. Redenen genoeg om de film te gaan kijken. Toch was de bioscoopzaal helemaal leeg. Onterecht, want het is een prachtige film. Het liefdesverhaal van Johnny en Georghe is, net als het Schotse landschap waar het verhaal plaatsvindt, ruw en hard. De band tussen de twee mannen is allesbehalve rozengeur en maneschijn.

Johnny, gespeeld door Josh O´Connor, is een boerenzoon die elke dag hard werkt op de boerderij van zijn vader en zich elke nacht klemzuipt in de pub. Zijn leven bestaat uit schapen, bier en harde neukpartijen met vreemde jongens in schapentrailers of wc’s. Het is een opstandige jongeman. Hij negeert zijn oma en snauwt zijn gehandicapte vader constant af. Aan alles is het te merken: Hij haat zijn leven, hij haat het kleine dorpje waar hij is opgegroeid en hij haat het feit dat hij daar nooit meer weg kan.

Het is lente en het lammerseizoen, de tijd dat alle hun schapen lammetje krijgen, staat voor de deur. Johnny en zijn vader, die door een hersenbloeding niet meer goed kan lopen, weten al dat ze te weinig handen hebben om goed voor hun dieren te zorgen. Daarom nemen ze Georghe, gespeeld door Alec Secareanu, aan. Een mysterieuze, maar zachtaardige Roemeen met de mooiste bruine ogen ooit.

“De opgebouwde spanning wordt in eerste instantie opgelost door te worstelen in de modder”

Worstelen in de modder
Samen trekken ze de heuvels in en slapen ze in een verlaten ruïne. Allebei netjes in hun eigen slaapzakje, ruggen naar elkaar toe. Georghe laat al snel merken dat hij, ondanks zijn zachte natuur, niet over zich heen laat lopen. De helft van zijn tijd verzorgt hij een schattig weeslammetje, de andere helft is hij bezig om Johny op zijn plek te zetten. Er wordt weinig gesproken en de spanning die de jongens opbouwen wordt in eerste instantie opgelost door te worstelen in de modder.

De oplettende kijker ziet dat Johnny toch langzaam ontdooit voor de knappe vreemdeling. Er wordt meer gelachen en ze delen de smaakzakjes voor de noedels die ze dag in, dag uit moeten eten. Uiteindelijk groeien ze zo naar elkaar toe dat ze nog maar eens een keer worstelen in de modder, maar dit keer op een heel andere manier… In de tijd die daarop volgt leert Georghe Johnny om lief te hebben. Dat liefde meer is dan alleen seks. Dat zijn leven op de boerderij niet alleen maar een vloek, maar ook een zegen kan zijn. Dat er hoop is.

Een kunstwerk
De film is een hele eerlijke weergave van liefde. Met ups en downs, diepe dalen en extreme hoogten. Het is een prachtige film, mede dankzij het Schotse landschap, de knappe en overtuigende hoofdrolspeler en de cinematografie. De échte filmhuisliefhebbers kunnen hun hart ophalen bij deze film. ‘Waarom was die bioscoopzaal dan zo leeg?’, hoor ik je vragen. Precies om die reden: God’s Own Country is een echte filmhuisfilm. Voor de normale kijker, zoals jij en ik, is de film langzaam en op sommige momenten zelfs saai. Het verhaal sleept zich voort en er lijkt soms gewoon geen einde aan te komen.

“Elke beweging, beslissing, kus, sekspartij en handreiking zijn belangrijk” 

Films zoals God’s Own Country, maar ook Moonlight en Call me By Your Name zijn kunstwerken. Elk detail is belangrijk, elke saaie scène is een bouwsteen van het verhaal, elke beweging van de hoofdpersoon, elke beslissing, elke kus, sekspartij en handreiking hebben een doel in het verhaal.

Een Johnny in de mainstream
Ik ben een groot voorstander van meer LHBTQI+ karakters in films, vooral als ze zo goed zijn geschreven als Johnny en Georghe. Het enige nadeel is dat zulke karakters veel te vaak alleen te zien zijn in filmhuisfilms. Deze films trekken een bepaald soort publiek aan; de hoogopgeleide filmliefhebbers. Een groep mensen waar de acceptatie en tolerantie van de LHBTQI+ gemeenschap al heel groot is. Ik wacht nog steeds op een mainstream film die op dezelfde manier een LHBTQI+ karakter laat zien als de filmhuisfilms. Ik hoef geen Wesley uit de Hartenstraat, geen chagrijnige en overkritische lesbische vrouw of juist een lesbische vrouw die geschreven is voor de geilheid van het mannelijke publiek. Ik wil een The Fault in Our Stars of een Dear, John met goed geschreven LHBTQI+ karakters. Films waar ik met mijn zusje van 14 heen kan en waar een Drentse middelbare schoolklas heen kan als klassenuitje. Films die niet alleen toegankelijk zijn voor filmsnobs uit Amsterdam.

“Waar blijven de mainstream films met goed geschreven LHBTQI+ karakters?”

Voor nu heb ik mijn hoop gevestigd op Love, Simon. Een film over een homoseksuele jongen die in de Verenigde Staten enorm populair is. Misschien wordt dat wel de film waar ik met mijn zusje heen kan. Zit ik in ieder geval ook niet helemaal alleen in de bioscoopzaal. Wel zo gezellig.

 

Door Melissa Wijnja

Meer van Melissa »

Melding: Inloggen op jouw persoonlijke Expreszo-account werkt weer!